Vrijwilliger Jill Coene

Vrijwilligers zijn belangrijk voor Welzijnszorg.  Eén van de essentiële taken die ze opnemen is het lidmaatschap van de projectencommissies.  De projectencommissies bestaan in elke regio uit vrijwilligers met bijzondere competenties én personeelsleden van Welzijnszorg en bekijken samen alle projectsteunaanvragen.  De criteria waartegen die aanvragen worden afgetoetst zijn in de projectoproepen transparant meegegeven.  In deze reeks stellen wij enkele van deze bijzondere vrijwilligers aan u voor.     

Deze week spreken we Jill Coene, lid van de projectencommissie in Antwerpen en de samensteller van het Jaarboek Armoede en Ongelijkheid.

Hallo Jill, stel je zelf eens voor, wie ben je? 

Hallo, ik ben Jill. Ik studeerde maatschappelijk werk en volgde daarna de master sociologie aan de UAntwerpen. Daar werk ik sinds 2011 als onderzoeker, eerst bij het onderzoekscentrum CRESC en daarna bij USAB, de Universitaire Stichting voor Armoedebestrijding. USAB is een initiatief dat in de jaren ’90 ontstond vanuit een geëngageerde student die zich wilde inzetten voor armoede. Hij probeerde zijn medestudenten te sensibiliseren en zorgde er mee voor dat USAB met steun van de jezuïeten een eerste woning in de universiteitsbuurt kon aankopen. Die woning werd gerenoveerd en daarna verhuurd aan een lagere huurprijs, aan mensen met een beperkt budget. Doorheen de jaren groeide de werking en met steun van de universiteit kwamen er nog 2 panden bij. Inmiddels verhuurt USAB woningen aan een zestal gezinnen. Daarnaast blijft USAB inzetten op sensibilisering van studenten, door hen warm te maken voor vrijwilligerswerk in een armoedeorganisatie. Mijn opdracht is vooral het academische luik van USAB ondersteunen, waaronder het vormgeven van het Jaarboek Armoede en Ongelijkheid. Met dat boek bundelen we de laatste inzichten rond armoede en zetten we steeds een thema in de kijker. Zo willen we armoede hoog op de politieke agenda houden.  

Mijn werk bij de Universitaire Stichting voor Armoedebestrijding in Antwerpen is vooral het academische luik ondersteunen, waaronder de eindredactie van het Jaarboek Armoede en Ongelijkheid. 

Daarnaast ben je lid van de projectencommissie van Welzijnszorg in Antwerpen. Wat doet de projectencommissie? En wat doen de leden concreet? 

Welzijnszorg geeft financiële steun aan lokale initiatieven die de positie van mensen in armoede willen verbeteren. Het gaat zowel over campagneprojecten die aansluiten bij het campagnethema van het daaropvolgende jaar, als over jonge, vernieuwende initiatieven. De projectencommissie buigt zich over de aanvraagdossiers. Zie het als een soort jury die dossier per dossier nagaat of aan alle voorwaarden is voldaan, en die beoordeelt of en hoeveel steun een project kan ontvangen, binnen de financiële marges van Welzijnszorg. Er is een projectencommissie in elke regio, met telkens een eigen groepje vrijwilligers. Ik ben lid van de projectencommissie regio Antwerpen, dus wij buigen ons over de aanvragen uit de provincie Antwerpen. Ik doe dit nu een drietal jaar. 

Welzijnszorg geeft financiële steun aan lokale initiatieven die de positie van mensen in armoede willen verbeteren. De projectencommissie buigt zich over de aanvraagdossiers. 

Is het leuk/boeiend/zinvol om te doen? 

Jazeker. Het in ten eerste zeer zinvol: veel organisaties zijn voor hun werking op zoek naar financiële middelen, en moeten vaak sprokkelen om alles rond te krijgen. De steun die ze via Welzijnszorg kunnen krijgen, is beperkt, maar betekent toch vaak het verschil tussen een bepaald project wel of niet laten doorgaan.  

Het is zeer zinvol: voor veel organisaties is de steun die ze via Welzijnszorg kunnen krijgen weliswaar beperkt, maar betekent toch vaak het verschil tussen een bepaald project wel of niet laten doorgaan. 

We zien dat meer en meer organisaties aankloppen voor structurele ondersteuning, soms meerdere jaren na elkaar. Maar de criteria zijn streng: we proberen vooral projecten te steunen die een gezonde financiële basis hebben, omdat we willen inzetten op duurzame initiatieven die niet wegvallen als het toegekende bedrag besteed is. De steun kan ook niet ieder jaar opnieuw worden toegekend. Campagneprojecten krijgen middelen voor twee jaar, vernieuwende initiatieven voor een jaar. Zo probeert WZZ zoveel mogelijk initiatieven te helpen.  

De criteria zijn streng: we proberen vooral projecten te steunen die een gezonde financiële basis hebben, omdat we willen inzetten op duurzame initiatieven die niet wegvallen als het toegekende bedrag besteed is. 

Het is ook interessant: je ontdekt wat er leeft in een regio en je ziet hoe geëngageerd al die organisaties zijn om aan de slag te gaan met (mensen in) armoede. De samenleving lijkt soms gepolariseerd, maar er zijn zoveel warme initiatieven die inzetten op verbinding! Sommige organisaties hebben echt straffe ideeën. Dat vind ik heel leerrijk. 

Welke mooie momenten of projectbezoeken zijn bij jou blijven hangen? 

Ik ben nog niet op projectbezoek geweest. Omdat ik nog niet zo lang deel uitmaak van de projectencommissie, laat ik dat liever aan de ervaren vrijwilligers over. Wat mij vooral bijblijft, is de positieve sfeer tijdens onze bijeenkomsten, en het feit dat we meestal op eenzelfde lijn zitten met onze individuele beoordelingen. Er zijn nog geen moeilijke discussies geweest, alles verloopt heel gemoedelijk. 

Ben je nog een andere manier betrokken bij de werking van Welzijnszorg? 

Niet op een structurele manier.  

Wat wens je aan mensen in armoedesituaties toe? 

Ik wens hen toe dat er een beleid zou zijn dat eindelijk werk maakt van structurele armoedebestrijding, met onder andere leefbare inkomens, en dat de maatschappij in het algemeen op een andere manier naar armoede zou kijken. Vaak hoor of lees je dingen waaruit blijkt dat mensen in armoede zelf de schuld zouden hebben aan hun situatie. Als we dat discours kunnen doorprikken, komt er meer begrip voor armoede. 

Ik wens mensen in armoede toe dat er een beleid zou komen dat eindelijk werk maakt van structurele armoedebestrijding, met onder andere leefbare inkomens.  En dat de maatschappij in het algemeen op een andere manier naar armoede zou kijken. 

Dat zijn alvast wensen die we van harte delen!  Dank je wel voor dit gesprek, Jill!  En zoals altijd kijken we weer uit naar het volgende jaarboek armoede.