Vrijwilliger Jan de Koster
Vrijwilligers zijn belangrijk voor Welzijnszorg. Eén van de essentiële taken die ze opnemen is het lidmaatschap van de projectencommissies. De projectencommissies bestaan in elke regio uit vrijwilligers met bijzondere competenties én personeelsleden van Welzijnszorg en bekijken samen alle projectsteunaanvragen. De criteria waartegen die aanvragen worden afgetoetst zijn in de projectoproepen transparant meegegeven. In deze reeks stellen wij enkele van deze bijzondere vrijwilligers aan u voor.
Dag Jan, wie ben jij en wat moeten we absoluut van je weten?
Ik ben Jan de Koster, 74 jaar en een Brusselaar pur sang. Ik heb hier ook altijd gewerkt als priester maar ben sinds 4 jaar met pensioen. Hier en daar spring ik nog wel eens in als ze mij vragen maar ik ben nergens meer vast aan verbonden en daar ben ik blij mee.
Dat is volgens mij iets te bescheiden Jan, bij mijn weten engageer jij je voor van alles en nog wat. Ook voor onze projectencommissie bijvoorbeeld, wat doe je daar juist?
Jan is 74, Brusselaar en gepensioneerd priester. Met de projectencommissie van Brussel komt hij met veel plezier enkele keren per jaar samen om de projectaanvragen die ingediend worden te bespreken en te evalueren.
Dat klopt, met de projectencommissie van Brussel kom ik met veel plezier enkele keren per jaar samen om de projectaanvragen die ingediend worden te bespreken en te evalueren. De organisaties die bij ons aankloppen voor financiële steun zijn vaak kleinere organisaties die via Welzijnszorg proberen hun project van de grond te krijgen. Wij doen ons best om te bekijken welke projecten in het Brusselse beantwoorden aan wat men bij Welzijnszorg beoogt.
Zoals altijd waren dat er ook dit jaar veel te veel in vergelijking met de beschikbare middelen wat ons er spijtig genoeg toe dwingt om keuzes te maken. We doen natuurlijk wel ons uiterste best om nieuwe projecten het nodige duwtje in de rug te geven, daar komt de projectensteun wel echt voor van pas. Ook gekendere organisaties krijgen natuurlijk de kans om hun werking uit te breiden of te vernieuwen.
Wij doen ons best om te bekijken welke projecten in het Brusselse beantwoorden aan wat men bij Welzijnszorg beoogt. We moeten daarbij soms moeilijke keuzes maken.
Ben ik correct door te zeggen dat je het oudste lid van onze commissie bent?
Hola, het oudste lid ben ik nog niet! Ik zetel wel al het langst in deze commissie al zou ik bij God niet meer weten hoe lang dat exact is.
Wat maakt dat je ieder jaar weer terugkomt?
Ik denk in de eerste plaats dat ik het werk enorm zinvol vind. In mijn carrière als priester ben ik steeds betrokken geweest bij zowel Welzijnszorg als Broederlijk Delen wat maakt dat ik de organisaties ook al een heel lange tijd ken. Door mee na te denken over de projecten kom ik ook te weten wat er leeft in de stad. Dat gaat dan over welke noden die er zijn maar ook welke initiatieven er, vaak van onderuit, worden genomen. Ik denk graag mee na over hoe we die kunnen ondersteunen. Langs de andere kant zeg ik ook niet makkelijk nee op zo’n vragen.
Door mee na te denken over de projecten kom ik ook te weten wat er leeft in de stad. Dat gaat dan over welke noden die er zijn maar ook welke initiatieven er, vaak van onderuit, worden genomen.
Is er doorheen de jaren een project dat je specifiek is bijgebleven?
Bij die vraag denk ik onmiddellijk aan de projecten van Groot Eiland omdat ik daar persoonlijk ook de grootste link mee had. Net priester geworden, heb ik in 1980-1981 20 maanden burgerdienst gedaan in het 'Sociaal Centrum Teledienst' waar de roots van Groot Eiland liggen. Na mijn dienst zetelde ik in de raad van bestuur van teledienst. Ik heb de organisatie dus echt zien groeien tot wat ze vandaag is en zo ook een zelfstandige organisatie zien worden: van piepklein ateliertje waar mensen enveloppen kwamen vullen of zegeltjes kwamen kleven, tot een heus tewerkstellingstraject met verschillende takken zoals houtbewerking en horeca. Dat is waanzinnig en ook wel hoopgevend als je erop terugkijkt.
Ik denk onmiddellijk aan de projecten van Groot Eiland omdat ik in de jaren tachtig zelf burgerdienst deed bij hun voorloper 'Sociaal Centrum Teledienst'. Dat is uitgegroeid tot een heus tewerkstellingstraject. Waanzinnig en hoopgevend.
Mijn burgerdienst heeft me de echte armoede wel leren kennen. Het heeft me wakker gemaakt voor de wereld van migranten, vluchtelingen en andere kwetsbare groepen. Daarna was het eigenlijk niet meer mogelijk om de ogen daarvoor te sluiten. Ik zie het dus vooral als mijn taak om de wereld van het christelijk geloven, waar je als priester over spreekt, te verbinden met diegene waarin je leeft.
Mijn burgerdienst heeft me de echte armoede leren kennen. Daarna was het niet meer mogelijk om de ogen daarvoor te sluiten.
We zitten gelukkig niet enkel en alleen rond de vergadertafel, soms gaan we ook samen op projectbezoek.
Zijn er projectbezoeken die jou specifiek bijgebleven zijn?
Het bezoek dat we onlangs samen deden vond ik wel interessant, bij Jeugd en Toekomst. Het inspireerde me enorm hoe mensen zich op vrijwillige basis willen inzetten om jongeren op te vangen en te begeleiden. Zeker de dame waar we mee in gesprek gingen, wiens naam me nu even ontsnapt, was duidelijk enorm bezield. Je merkte dat ze er, ondanks de beperkte middelen, toch alles aan deed om te knokken voor haar werking. Je merkt een duidelijke betrokkenheid voor die anderen, voor diegenen die aan de kant blijven staan of zelfs volledig uit de boot vallen.
Bij Jeugd & Toekomst merk je een duidelijke betrokkenheid voor de anderen, voor diegenen die aan de kant blijven staan of zelfs volledig uit de boot vallen.
Ik vond dat als priester zelf ook altijd heel belangrijk, dat actief betrokken zijn bij wat er zich afspeelt in de wereld. We zijn er niet enkel om in de kerk de eucharistie te vieren maar ook om dienstbaar aanwezig te zijn in de samenleving.
Dat lijkt mij een goede manier om in het leven te staan. Al is dat niet altijd even makkelijk natuurlijk.
Waar put jij de kracht uit om door te blijven gaan met wat je bezig bent?
Uit al die andere mensen om me heen die elke dag heel concreet bezig zijn met projecten. Van betaalde krachten tot de onvermoeibare vrijwilliger waar je alles aan kan vragen. Dat zijn de mensen die laten zien dat het anders kan.
Ik put kracht uit al die andere mensen (betaald en vrijwillig) om me heen die elke dag heel concreet bezig zijn met projecten. Dat zijn de mensen die laten zien dat het anders kan.
Ik sluit graag nog af met mijn favoriete vraag: heb jij een wens voor mensen die te maken krijgen met armoede of sociale uitsluiting?
Ik wens hen vooral toe dat ze andere mensen mogen ontmoeten die tijd willen nemen om stil te staan en even naar hun verhaal willen luisteren. Die laten voelen dat je er mag zijn en evenveel waard bent als al die anderen. Zo’n ervaring mogen meemaken brengt je al een heel eind volgens mij. Ik verwijs daarvoor ook nog graag naar mijn grote “patron”, Paus Leo de 14e. De manier waarop hij onlangs voorrang gaf aan de mensen van Lampedusa boven een etentje bij Trump… dat is toch wel een sterke boodschap aan de rest van de wereld dat het hem echt om de mensen te doen is.
Ik wens mensen in armoedesituaties vooral toe dat ze andere mensen mogen ontmoeten die tijd willen nemen om stil te staan en even naar hun verhaal willen luisteren. Die laten voelen dat je er mag zijn en evenveel waard bent als al die anderen.
Laat het ook aan ons een signaal zijn om te blijven kiezen voor de mens en niet de macht. Dankjewel Jan voor dit gezellige gesprek en je jarenlange engagement!