Caro aan het woord

Welzijnszorg is er ten volle van overtuigd dat de ervaring van mensen in armoede een belangrijke bron van kennis is.  Zonder deze kennis kunnen we de strijd tegen armoede niet voeren.  We proberen deze ervaringskennis dan ook in al onze processen en beslissingen te laten meeklinken.  Ervaringskennis en –deskundigheid biedt een uniek perspectief dat gewaardeerd moet en mag worden.  

 We willen onze vrijwillige ervaringsdeskundigen dan ook erkennen door hen in deze reeks te interviewen en hun kijk met jullie te delen.  Dat levert boeiende gesprekken op.  We trappen af met een interview van onze medewerker met ervaringsdeskundigheid Caro Bridts.  

Dag Caro, stel jezelf eens voor. Wie ben jij en wat doe je? 

Ik ben Caro en ik ben educatief medewerker bij Welzijnszorg en Welzijnsschakels. Binnen Welzijnszorg ben ik vooral actief rond alles wat te maken heeft met de ondersteuning en samenwerking van vrijwilligers met ervaringsdeskundigheid. Bij Welzijnsschakels zorg ik mee voor nabijheid bij onze lokale groepen. 

 Ik ben daarnaast ook voor 20% gedetacheerd aan de sociale hogeschool van Heverlee als onderzoeker en docent. Ik ben heel blij dat ik hierdoor ook met studenten mag werken, zij zijn onze toekomst. Het is fijn dat ik hen in een aantal vakken, in co-docentschap met mijn collega’s, kan laten kennismaken met wat ervaringsdeskundigheid nu juist is. Als onderzoeker is het interessant om ook de academische insteek te ontdekken en dit proces mee te mogen beleven. 

Overal waar ik mag komen doe ik mijn best om de mensen in armoedesituaties en met een armoede-ervaring te vertegenwoordigen.  

Mensen in armoedesituaties zijn mijn grootste en belangrijkste toetssteen. Ik vind het dan ook heel belangrijk dat ze mij onrechtstreeks een mandaat geven om te blijven doen wat ik doe. 

Een veelzijdig takenpakket dus, maar wat houdt jouw rol als educatief medewerker met ervaringsdeskundigheid bij Welzijnszorg dan net in? 

Zoals ik al zei gaat dat vooral om de ondersteuning van onze werking met vrijwilligers met een ervaringsdeskundigheid en alles daarrond. Wanneer collega’s specifieke vragen hebben hierrond, mogen ze mij altijd aanspreken. Daarnaast geef ik samen met collega’s ook zelf vormingen aan middenveldorganisaties. Het is vooral fijn om dat met zoveel verschillende collega’s te mogen doen. Doordat ieder vanuit zijn eigen perspectief vertrekt, zet me dat vaak aan het denken. Het toont ook dat er mooie dingen mogelijk zijn als we verschillende perspectieven en soorten van kennis naast elkaar leggen en als gelijkwaardig en aanvullend op elkaar beschouwen. Door op die manier de mechanismen bloot te leggen die op macro-, meso- en microniveau armoede en sociale uitsluiting in stand houden, hoop ik dat we zaadjes kunnen planten voor de toekomst. 

 Overal waar we komen, proberen we zo een armoedebestrijding te bekomen die structureel en duurzaam is.  

De term armoede is al enkele keren gevallen maar wat houdt die term voor jou eigenlijk in? Wat denk jij dat mensen zonder armoede-ervaring moeten weten over armoede? 

Ze moeten weten dat armoede een structureel probleem is en dat het niet de mensen zelf zijn die hier de verantwoordelijkheid voor dragen. Het zijn de situaties waarin ze terechtkomen, of in blijven hangen door het uitblijven van structurele maatregelen, die dit veroorzaken. Het is maar al te gemakkelijk om met de vinger te wijzen en aan anderen te vertellen dat ze beter hun best moeten doen. We komen zo steeds meer terecht in een “voor wat hoort wat”-samenleving die voorbijgaat aan de rechten die mensen en kinderen hebben. 

Daarnaast zie je ook dat er heel lange wachtlijsten zijn waardoor meer en meer mensen in een noodsituatie terechtkomen. Je merkt dat aan de toenemende vraag naar voedselondersteuning maar ook de stijgende cijfers over dak- en thuisloosheid die vorige week bekend werden gemaakt. Jammer genoeg zijn ook daar steeds meer kinderen en jongeren terug te vinden, dat baart mij echt grote zorgen.  

We geven kinderen en jongeren in armoedesituaties de boodschap dat zij er niet toe doen, en later verwachten we dan weer heel veel van hen.  Als samenleving moeten we hen versterken en opnieuw verbindend met hen werken in plaats van hen uit te sluiten en te polariseren. 

We geven hun zo onrechtstreeks de boodschap dat zij er niet toe doen, om dan op latere leeftijd opnieuw heel veel van hen te verwachten. Het is aan ons als samenleving om hen te versterken en opnieuw verbindend te werken in plaats van uit te sluiten en te polariseren. Mijn boodschap klinkt niet altijd even rooskleurig maar het is onze taak om die zaken te blijven aankaarten bij de rest van de samenleving en het beleid.  

Ik trek mij op aan de duizenden vrijwilligers die een groot deel van onze maatschappij dragen, daar kunnen we alleen maar van leren. 

Als medewerker met ervaringsdeskundigheid gaf je eerder al aan de mensen in armoedesituaties te mogen vertegenwoordigen. Kan je me vertellen waarom het zo belangrijk is dat ervaringskennis een plek krijgt in organisaties en het beleid? 

Omdat je geen inclusieve samenleving kan vormen zonder iedereen daarbij te betrekken. Als we niet alle betrokken partijen gaan bevragen en beluisteren, gaat belangrijke kennis verloren en valt een grote groep mensen uit de boot. Ik merk gelukkig wel dat men de laatste jaren in verschillende sectoren meer en meer belang hecht aan die diversiteit in kennis en dus ook aan ervaringskennis en -deskundigheid. Alleen weten velen niet altijd hoe ze daarmee aan de slag moeten gaan. Onbekend is onbemind natuurlijk, dat is voor organisaties niet anders. Die eerste stap zetten om effectief met ervaringskennis aan de slag te gaan is volgens mij de moeilijkste. Je weet namelijk vaak niet waar je aan begint en welke drempels je zal tegenkomen. We hebben maar al te graag de controle en willen alles kunnen plannen. Af en toe moeten we in onze weg van A naar D niet vergeten om ook bij B en C te passeren en het lef hebben om na C opnieuw een tussenstop bij B te houden. In het begin zal dat inderdaad tijd kosten en misschien ook wel traag werken maar op termijn werpt zo’n aanpak echt wel zijn vruchten af. Het zou zowel de organisatie zelf als de samenleving in zijn geheel ten goede komen en ervoor zorgen dat diverse vormen van kennis op een structurele en duurzame manier gecombineerd worden. 

Ik hoor vaak dat ervaringsdeskundigen bruggenbouwers zijn. Allemaal goed en wel maar ik ben er zeker van dat ik alleen geen brug kan bouwen. Samen bekomen we veel duurzamere oplossingen voor structurele problemen. 

Ik hoor ook vaak dat ervaringsdeskundigen bruggenbouwers zijn. Allemaal goed en wel maar ik ben er zeker van dat ik alleen geen brug kan bouwen. Ik heb daarvoor ook andere mensen nodig met andere kennis en andere talenten. Als we al die verschillende vormen van expertise van aan het begin mee rond de tafel zetten, krijgen we volgens mij een stevige brug waar iedereen overheen kan wandelen. Ik klop al zo’n 20 jaar op dezelfde nagel maar samen kunnen we echt veel meer. Samen bekomen we veel duurzamere oplossingen voor structurele problemen. Dat is niet alleen voor organisaties maar uiteraard ook voor het beleid zo. 

Dat is mooi gezegd, ik kan niet anders dan je gelijk te geven. Heb je nog een laatste boodschap die je graag de wereld in zou sturen? 

Ik denk dat het allerbelangrijkste is dat we mensen opnieuw echt als mens ontmoeten los van hun leefsituatie of context. Je zal snel merken dat we niet zoveel verschillen van elkaar en dat er heel veel dingen zijn die ons net verbinden. Vandaag de dag zijn zaken als geld, status en macht alsmaar belangrijker geworden, mijn grootste droom is om terug tijd voor elkaar te maken en gewoon gesprekken te kunnen hebben van mens tot mens. De groeiende ongelijkheid zorgt ervoor dat mensen steeds meer willen beschermen wat ze al hebben in plaats van zich af te vragen of dat allemaal wel nodig is. 

Mijn grootste droom is om terug tijd voor elkaar te maken en gewoon gesprekken te kunnen hebben van mens tot mens. 

 Voor mij is gewoon een goeiendag op straat al meer dan genoeg. Weten dat als er iets is, je buren hebt om op terug te vallen. Vandaag de dag verschieten de mensen al bijna als je ze aanspreekt op straat. Het toont dat we allemaal een bepaalde richting aan het uitgaan zijn maar uiteindelijk niet goed weten waar naartoe. Mijn boodschap is simpel: als je mekaar kruist, neem dan tenminste even de tijd om elkaar als mens te ontmoeten.  

Dankjewel Caro, ik ben ontzettend blij dat onze wegen elkaar vandaag mochten kruisen. Op nog veel stappen in dezelfde richting!